Artikel
     
Een agressieve hond is vaak alleen maar angstig.
Angst en agressie bij honden

De meeste honden zijn wel eens angstig of agressief. Het is heel belangrijk hoe u als eigenaar op deze angst of agressie reageert. Het kan gebeuren dat u het gedrag onbewust beloont of stimuleert, waardoor her alleen maar erger wordt. In dit artikel worden drie gevallen van angst- en agressieproblemen bij uw hond en hun oplossingen besproken: angst voor harde geluiden, agressie naar eigen gezinsleden en territoriumagressie Angst en agressie zijn gedragsproblemen bij honden waar heel veel verwarring over bestaat. Er is geen enkel probleem dat zo vaak verkeerd wordt aangepakt als angst en agressie. Men is er bijvoorbeeld van overtuigd dat een hond agressief is, terwijl hij eigenlijk alleen maar angstig is. Een voorbeeld is de hond die blaft naar de stofzuiger. Dan wordt wel eens gezegd dat de hond de stofzuiger wel zou willen aanvallen, zo kwaad is hij op de stofzuiger. In werkelijkheid is deze hond bang voor de stofzuiger en gebruikt hij vormen van agressie om zijn angst onder controle te krijgen. Deze hond kun je dus niet agressief noemen, hij is eerder angstig.

Mogelijke oorzaken van angst en agressie bij honden zijn:
een slechte inprenting en socialisatie;
traumatische ervaringen;
pijn;
de hond heeft niet goed geleerd hoe hij met angst en agressie om moet gaan;
een gebrek aan leiderschap van de baas.

De mogelijke oorzaken van angst en agressie kunnen dus precies dezelfde zijn. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het voor de meeste mensen moeilijk is om een onderscheid te maken tussen angst en agressie.

Om angst- en agressieproblemen aan te pakken is het dus absoluut noodzakelijk om het probleem
juist te analyseren, zodat een duidelijk beeld van de oorzaak ontstaat. Zonder een bekende oorzaak wordt het al moeilijk om het probleem correct aan te pakken. Daarbij is het ook nodig in elk geval een minimum aan kennis te hebben over de lichaamstaal van honden. Door hun lichaamstaal maken ze duidelijk of ze angstig of agressief zijn. De volledige houding is belangrijk, maar vooral ook de stand van de oren, de staart en de kijkrichting van de ogen maken duidelijk welk gevoel de hond heeft. Over de lichaamstaal van honden is al zo veel geschreven, dat we hier volstaan met een korte opsomming.

Signalen die kunnen wijzen op angst
het wegdraaien van de kop;
naar achteren gerichte oren;
een laag of zelfs onder de buik gedragen staart;
een lage algemene houding;
stresssignalen zoals: krabben, geeuwen, zich uitschudden, hijgen en doelloos rondsnuffelen;
het dreigend laten zien van het volledige gebit;

Signalen die kunnen wijzen op agressie zijn:
het strak aankijken;
oren die hoog staan of ver naar voren gericht zijn;
een hoog gedragen staart;
een hoge algemene houding;
het dreigend laten zien van alleen de voorste tanden.

Nu volgen enkele veel voorkomende problemen met angst en agressie en hun mogelijke oplossingen.

Hierbij moet wel gezegd worden dat zowel angst- als agressieproblemen zeer goed moeten worden geanalyseerd en dat professionele hulp vaak geen overbodige luxe is.

Angst voor harde geluiden

Onweer, harde knallen, vuurwerk en voorbijrijdende auto's of motoren zijn voor veel honden geen pretje. Het baasje vindt dat zielig en gaat zijn hond troosten en vertroetelen. De hond interpreteert troosten echter totaal anders dan mensen. Voor de hond is troosten een bevestiging van zijn angst; hij wordt getroost dus zal er wet iets aan de hand zijn. Het baasje troost in feite niet; het maakt de angsten alleen maar erger. Laat dus nooit zien dat u ook angstig bent en ga uw hond zeker niet troosten. Door het angstgedrag van de hond te negeren verdwijnt de angst bij de meeste honden vanzelf Hij ziet immers dat zijn baasje de harde geluiden helemaal niet erg vindt. Als het baasje de geluiden normaal vindt; zal er wel niets ergs aan de hand zijn.

Natuurlijk is negeren van her angstgedrag niet voor alle honden een oplossing. Een tweede, zeer effectieve oplossing is door van de harde geluiden een signaal te maken dat er iets Ieuks op komst is. Onweer betekent dan geen angst meer, maar plezier. Hiervoor kunt een cd of cassette gebruiken met de geluiden waar de hond bang voor is. U zet het geluid heel zachtjes aan. Het moet zo zacht staan dat er aan de hond nog niets van angst of stress te merken is. Vervolgens gaat u uitbundig met de hond spelen. Herhaal dit regelmatig. Na enkele sessies zet u geleidelijk het volume hoger, maar let er wel op dat u steeds onder het stressniveau van de hond blijft. U zult merken dat de hond het geluid na een tijdje als startsignaal ziet om te spelen en niet meer als naar ervaart.

Bij extreme angsten of als de angsten voortvloeien uit een traumatische ervaring kunt u het best de hulp inroepen van een deskundige op het gebied van honden en hun gedrag.

Ondersteuning door medicijnen kan in sommige gevallen eveneens raadzaam zijn, uw dierenarts kan u daar meer over vertellen.

Agressie naar eigen gezinsleden

Honden die agressief gedrag vertonen naar gezinsleden worden regelmatig als vals of dominant bestempeld. Meestal heeft dit agressieve gedrag niet zozeer te maken met dominantie, maar met een rangordeprobleem binnen het gezin. Honden zijn roedeldieren en in een roedel geldt altijd een hiërarchie met aan de top de roedelleider. Omdat veel mensen de taal van honden niet kennen, laten ze onbewust hun hond de leider in hun gezin (roedel) zijn. De hond heeft zo een leidersrang gekregen en zal er voor willen zorgen dat zijn 'onderdanen' zich gedragen zoals dat in een roedel hoort. Telkens als een gezinslid een foutje maakt, reageert de roedelleider met een correctie. De baasjes waarderen dit gedrag van hun hond niet en geven hem dan al snel straf. De hond interpreteert dat als een protestsignaal van een lagere in rang. Hierop zal de hond nog sterker moeten corrigeren, waardoor hij als agressieveling door het leven gaat. Er is hier dus eigenlijk helemaal geen sprake van blinde agressie van de hond naar de gezinsleden, maar van een dom misverstand.

In dit geval is het niet nodig om aan de agressie op zich te werken, maar aan een nieuwe en degelijke roedelstructuur. Iedereen in het gezin moet op de hiërarchische ladder boven de hond staan, zodat de hond op de laatste plaats komt binnen het gezin. Wees daarom altijd consequent en geef niet toe aan de drang van de hond om de baas over u te spelen. Als de hond eenmaal op do Iaagste plaats is gekomen, zal hij het ook niet meer in zijn hoofd halen om de andere gezinsleden tot de orde te roepen en dan is do zogenaamde agressie verdwenen.

Territoriumagressie

De twee meest voorkomende vormen van territoriumagressie zijn gericht op voorbijgangers en bezoekers (agressie binnen een omheining). Het gaat in beide gevallen om agressie naar vreemden, niet-leden van het gezin of van de roedel. Een aansprekend voor beeld is de postbode die dagelijks binnen lijkt te willen dringen.

Een van de taken binnen een roedel is het territorium te verdedigen. In deze vorm van verdedigen neemt de roedelleider altijd het heft in handen. Dat wil zeggen dat do hoogste in rang beslist over het al dan niet aanvallen van een indringer. Met die kennis wordt het ook meteen duidelijk waar een mogelijke oorzaak te vinden is voor deze agressie. Als een hond binnen het gezin te hoog in rang staat neemt hij de beslissingen over het verdrijven van bezoekers. In de eerste plaats moeten de rangen binnen het gezin zo worden aangepast dat de hond niet de hoogste, maar die laagste rang krijgt.

Een tweede belangrijke oorzaak van territoriumagressie is te vinden in het zichzelf belonende gedrag van die agressie. Stel de hond zit buiten bij het tuinhek. Er komt net een fietser aanrijden. De hond ziet de fietser die in de richting van zijn territorium rijdt. Die vormt dus een regelrechte bedreiging voor de roedel. Nu begint de hand te grommen en wat blijkt? De fietser rijdt gewoon weer weg. De hond legt al heel snel een verband tussen zijn grommen en het weer wegrijden van de fietser. De hand is dus beloond voor zijn gegrom. Hij heeft zijn territorium kunnen beschermen tegen de indringer. Volgende keer gaat de hond niet meer grommen, maar echt blaffen met een hoge lichaamshouding en weer rijdt de fletser weg. Alweer succes. Geleidelijk gaat de hond feller blaffen en uiteindelijk zeer zeer agressief reageren op voorbijgangers, want dat levert hem nog meer voldoening op. Als de hond zeer agressief reageert; rijden de fietsers namelijk sneller weg uit angst voor die verschrikkelijke hond. Hoe lossen we dit nu op? We zorgen ervoor dat de hond geen beloning meer kan krijgen voor dit agressieve gedrag. Door de fietser niet weg te laten rijden, maar juist bij het tuinhek te laten staan, ontdekt de hand dat zijn agressie niet meer het gewenste resultaat oplevert. Aanvankelijk zal hij nog agressiever reageren om alsnog de fietser weg te jagen. Na een tijdje stapt de agressie heel even, op dat moment kan de fletser weer vertrekken. Nu leert de hond dat rustig blijven hem het gewenste resultaat oplevert. Deze oefening moet regelmatig met eenzelfde fietser, liefst iemand die tot het gezin behoort; herhaald worden. Als het bij die ene fietser goed gaat wordt de oefening herhaald met een andere fietser. Na enkele fietsers treedt generalisatie op. De hond zal nu bij elke fietsende voorbijganger rustig blijven. Een makkelijk hulpmiddel om deze oefening sneller tot een goed einde te brengen is de fietser wat lekkers over het hek te laten gooien als hij of zij er bij in de buurt komt. Op die manier wordt de fietser al snel gezien als brenger van lekkers en niet meer als indringer van het territorium.

Al met al is het belangrijk om uit te vinden waarom uw hond angstig of agressief gedrag vertoont. Probeer u ook altijd bewust te zijn van de uitwerking van uw reactie. Troosten lijkt misschien een logische reactie bij een angstig dier, maar u heeft kunnen lezen dat het effect heel anders is dan u bedoelt. Komt u er alleen niet uit; dan kunt u altijd advies vragen bij kynologenclubs in uw omgeving.

 

DOOR ERIK SANNEN, KYNOLOOG
 
naar boven